Van Gedoe naar Deliberatie
De recentelijk overleden filosoof Jurgen Habermas geloofde dat de mens zich alleen in stand kan houden door met elkaar in gesprek te gaan. Zonder dat zou het kwaad (hij was als jonge jongen lid van de Hitler-Jugend en werd zich na de oorlog bewust van het immense kwaad dat het Nationaalsocialisme veroorzaakte) weer zegevieren. Niet door anderen uit te sluiten en weg te zetten, maar door in gesprek te gaan met de ander. Dat was zijn missie voor de rest van zijn leven.
En dat is ook onze opgave, in het hier en nu. Een opgave in de zin dat iets niet vanzelf gaat; iets wat een inspanning vergt. De inspanning is dat je jouw eigen gelijk ter discussie durft te stellen. En dat doen we meestal niet graag. Soms wel, maar niet ten volle. Er is een punt dat de weerstand toeneemt en dat het aan de kant zetten van je eigen gelijk erg veel moeite kost.
In psychologische termen: op dat punt protesteert je ego, je zelfbeeld dreigt in duigen te vallen. Wie ben ik zonder mijn overtuigingen? Wie ben ik nog als ik geen beschermende structuur meer heb ten opzichte van de ander?
Dit menselijke tekort, het gehecht zijn aan het eigen gelijk, zet ons op afstand tot de ander. De eigen identiteit van het IK moet gehonoreerd worden anders verdwijn je, althans daar ben je bang voor.
foto: Wolfram Huke
Hier tegenover staat een andere positie: die van de verbinding, de band met de ander die energie genereert, die én een bevestiging van het IK inhoudt én ook de ander bevestigt. Een heerlijke energie, maar in een symbiotische verstrengeling kan die relatie ongezond zijn. Adam Kahane schreef hierover in Power and Love: de moeder die haar kind verstikt met liefde. Een gezonde verbinding echter respecteert de beide IK-ken en voedt de relatie.
Het resultaat is een gebalanceerd geheel, sociale interactie en identiteit, in een permanente dynamiek, die als het gezond is leidt tot bloei van het ik en het wij.
Implicatie van het IK en het WIJ voor gemeenschappen
Habermas en Kahane helpen mij om iets te vertellen over een prachtig project dat de Constitutie voor de Commons startte over de democratische kwaliteit van gemeenschappen. Zoals ik al even aangaf is het maar de vraag of we met de ander met wie wij samenwerken en of samenleven het goed doen. Er kan verstrengeling of overheersing plaatsvinden.
In gemeenschappen treden – net als in het echte leven – allerlei vervormingen op, die gaandeweg steeds weer kunnen worden bijgestuurd en opgelost. Wat in een relatie tussen twee individuen gebeurt, gebeurt ook in groepen. Door de sociale dynamiek van een groep wordt het wel complexer. En dab kan je als individu nog meer het gevoel krijgen geen invloed meer te hebben op de kwaliteit van de relaties en groepsdynamiek.
De gemeenschap lokt eenieder die eraan deelneemt uit tot (impliciete) reflectie op wat jouw eigen gelijk is en wat het gelijk is dat in de relatie met de anderen ‘ontstaat’. Deze dynamiek is ons niet vreemd; als kinderen in een gezin, in de klassen waar we in zaten, in werkomgevingen. Door de millennia heen hebben we dit sociale gen ontwikkeld.
Gemeenschap als broedplaats voor democratie
In gemeenschappen kan het wel spannender zijn. Gemeenschappen zijn plekken waar we aan bijdragen, niet omdat we betaald worden maar omdat we daar ons verlangen te verbinden kunnen vormgeven. Veel betrokkenheid, liefde en aandacht. Als je ziel en zaligheid in de gemeenschap zit, of als je niet zomaar weg kan uit de gemeenschap dan wordt het nog spannender. Dat vraagt nog meer van de mensen in de gemeenschap, dat men in staat is vrede te bewaren, inclusief en open te zijn naar anderen met afwijkende meningen en voorkeuren. Zodat de groep in staat is om de IK-ken en het WIJ in evenwicht te houden.
Plek der moeite én plek voor participatie
Gemeenschappen zijn plekken waar je jezelf tegenkomt en de groep zichzelf tegenkomt. De plek der moeite zoals Hans Vermaak het noemt én de pocket of participation zoals Albert Jan Kruiter het noemt. Daar leer je delibereren met de ander, die anders denkt en andere waarden heeft. Dat lukt vaak ook omdat je ook gedeelde waarden hebt, als je met elkaar de moestuin onderhoudt, de verse broden voor het voedsel-collectief ophaalt, of meedraait als vrijwilliger in de zorg-gemeenschap of energie-coöperatie.
En natuurlijk gaat het dan ook wel eens fout. Dan ontstaat gedoe. Mensen die elkaar toch niet zo goed zien en elkaar vermijden, oordelen over de ander hebben, ongemak niet uitspreken.
In dit soort gedoe kan de gemeenschap zich als meester tonen. Hoe beter je gedoe kan aankijken, hoe beter de gemeenschap.
Gedoe is de kanarie in de kolenmijn: Als er gedoe ontstaat is de kwaliteit van samen in de gemeenschap aan de orde. Hoe doen we het samen, is iedereen gehoord, wordt er werkelijk op elkaar ingegaan, hebben we scherp wat de gedeelde waarde zijn?
Gedoe als ingang voor democratische kwaliteit
Gedoe is het productiemiddel voor een democratische gemeenschap, een gemeenschap die in de termen van Habermas niet bang is voor deliberatie.
In het genoemde project ontwierpen we recentelijk een aantal interventies die de democratische kwaliteit van gemeenschappen ondersteunt: een GEDOE HET ZELF – kit. En binnenkort komt er ook een game! Allemaal bedoeld om het ongemak van democratische handelen aan te gaan.
Democratie maken we zelf, elke dag in ons handelen met anderen. En bovenal in de gemeenschap. Dus alle reden om dat unieke proces te ondersteunen. Van Ontwijken via Gedoe naar Deliberatie.
Wil je meer weten over het project en de hulpmiddelen die we hebben gemaakt? De scan, het spel en de podcast? Check hier dan alle informatie.
